Mario van der Ende

Column Mario van den Ende

“Ratatatata mitrailleurpasjes! Denk aan je ritme, balans, knie-inzet en afwikkeling! Loop op je voorvoeten en nooit op je hakken! Kin omhoog! Laat zien wat je in huis hebt! Haal die kleerhanger uit je nek en die bint uit je rug!”. Deze commando’s schoten door mijn hoofd toen ik hoorde dat atletiek- en hockeycoach Cees Koppelaar afgelopen week was overleden. Met Koppelaar werkte ik menig looptraining af. Geen training was hetzelfde.

Het was een feestje om met deze energieke, opgewekte, serieuze, uitdagende en bevlogen vakman te mogen werken. Met zijn pretoogjes hield hij alles in de gaten. Geen detail ontging hem. Cees legde de lat hoog. Het moest niet alleen effectief zijn, het moest er ook allemaal nog eens goed uitzien. Een van zijn kwaliteiten was dat hij elke oefening soepel kon demonstreren. Dat gaf mij weleens het gevoel dat ik tijdens skipping-oefeningen op een kreupele kangoeroe leek.

Cees Koppelaar

Koppelaar haalde als geboren motivator het beste in sporters naar boven. Hij kon mensen met pijnlijke platvoeten het gevoel geven dat zij olympische limieten konden halen en beschikte over oefenstof om personen met zogenaamde ‘tien voor twee voeten’, die in een nauw straatje alle deuren inschopten, binnen enkele maanden weer recht vooruit te laten lopen.

Voetballers uit verschillende generaties als: Johan Cruijff, Ruud Krol, Johan Neeskens, Frank Rijkaard, Zeljko Petrovic, Rick Hoogendorp en Virgilio Teixeira voerden Cees’ instructies secuur uit, gingen motorisch met sprongen vooruit

en voelden zich zo stabiel als een vliegdekschip na het inslijpen van ondersteunende armbewegingen. Toen ik Cees ooit vertelde dat mij door een commissielid werd verweten tijdens wedstrijden weinig achteruit te lopen reageerde hij uitgesproken: “Leg die snuiter maar uit dat een beetje scheidsrechter intuïtief aanvoelt wat er achter zijn rug gebeurt en dat als mensen gemaakt waren om achteruit te lopen hun voeten wel andersom hadden gestaan.”