Column Sonny Silooy

Iedereen praat maar over Frenkie de Jong en ik beweer dat iedereen heeft zitten te slapen.

In september 2014 was Appie Nouri erbij toen we naar Engeland zijn gegaan. We speelden daar met het Nederlands elftal onder achttien een tweetal wedstrijden. Hij was de beste speler en promoveerde naar Oranje onder negentien. Mijn eerste ontmoeting met Frenkie de Jong – toen nog speler bij Willem II – was korte tijd later, tijdens een vierlandentoernooi in Turkije in november 2014. We verloren met drie of vier nul van Duitsland, maar hij was de beste van het veld. Na vijf minuten zag ik dat al. Ik vroeg aan Maarten Stekelenburg, hoofdcoach U18 en naast mij zittend in de dug out, waar hij die speler vandaan had gehaald. Maarten zei,’dat is het oog van de trainer.’ Ik antwoordde Maarten dat hij net zo blind was als Stevie Wonder. Dat hij dat nooit had kunnen ontdekken. Dat dit een megatalent was, ook al speelde hij in een team dat nog nooit met elkaar had samengespeeld. Na afloop van de wedstrijd kwam ik Hans van der Zee, hoofdscout van Ajax, in de catacomben van het stadion tegen. Ik vroeg hem wat hij van de wedstrijd vond. Ik herinner me zijn reactie nog letterlijk. ‘Er zat niet veel bij,’ zei hij. Ik reageerde dat hij niet alleen naar de uitslag moest kijken, maar ook naar de spelers, het individu.

Een maand later zat ik bij Marc Overmars op zijn kantoor. Hij kende De Jong wel en hij vond hem klein toen hij hem zag spelen. Maar ik vertelde hem dat hij inmiddels was gegroeid en zou Marc op de hoogte houden omdat hij erg enthousiast was over Frenkie. Weer een paar maanden later, in maart 2015, speelde Nederland twee oefenwedstrijden, tegen Noord-Ierland en tegen Bulgarije. Tegen de Bulgaren viel hij door de omstandigheden niet op. Het was een vreselijk weer; veel regen en modder. Hij kreeg bij die wedstrijd een slecht rapport en werd niet goed genoeg bevonden door Ajax. Tegen de Ieren speelde De Jong echter heel goed. Ik snapte er niets van dat ze naar die wedstrijd geen Ajax geen scout hadden gestuurd. Alle topclubs van Europa waren aanwezig bij die wedstrijd behalve Ajax.

Frenkie de Jong tijdens de recente topper tegen PSV. FOTO: Stanley Gontha, Pro Shots.

Voor het EK van Onder 19 in Griekenland, waar ik als assistent-bondscoach van Aron Winter in de zomer van 2015 mee naartoe ging, wilde de grootste clubs uit Nederland hun talenten niet afstaan. Dit, terwijl Duitsland (Sané), Frankrijk (Coman) en Spanje (Asensio) dat wél deden. Ik snapte dat niet. Ik heb als jeugdspeler ook het EK 1981 in Finland en WK van 1983 in Mexico gespeeld en werd daar niet bepaald slechter van. Uit onze selectie ontstond de lichting die in 1988 het EK in Duitsland won. Gelukkig deden in Griekenland Nouri en Frenkie de Jong mee. In een oefenwedstrijd vlak voor vertrek naar Griekenland hadden zij met z’n tweeën het hele middenveld van Jong Ajax zoek gespeeld. 3-1 werd het. Niet normaal, hoe die twee voetbalden.

Ik heb Frenkie dagen tijdens het Europees kampioenschap hem en zijn zaakwaarnemer verteld wat de voor- en nadelen van het tekenen voor Ajax was. Want PSV wilde hem dolgraag. Bij Ajax kom je, ook als je het uiteindelijk niet redt, altijd wel weer ergens op een mooie plek terecht. Bij PSV verdwijn je op zo’n moment in een trechter. Ik heb nog nooit meegemaakt dat een jeugdspeler van PSV bij een internationale topclub aan de bak komt. Het was voor Frenkie het laatste zetje om toch voor Ajax te kiezen, bevestigde hij later in een gesprek waar ook Pim van Dord (de oud-speler en huidige fysiotherapeut van Ajax, red.) bij was. Heel veel scouts in binnen en buitenland hadden in die periode zitten slapen. Toch heeft iedere scout een ander kijk op- en denkwijze over spelers. Uiteindelijk gaat het hem om keuzes die je in het veld maakt, hoe groot of hoe klein je ook bent..

Nu, dinsdag in de Champions League tegen Bayern München, verwacht ik dat Erik ten Hag Frenkie, mits niet geblesseerd, op het middenveld opstelt. Als je zo speelt zoals de laatste twee wedstrijden tegen PSV en Fortuna Sittard wordt je zoek gespeeld. Tegen PSV was het met Frenkie tegen Luuk de Jong een beetje David tegen Goliath. Zo wordt ook het niks in München. Maar als je tactisch goed speelt, dan kan je er misschien een gelijkspel uitslepen. Ajax heeft altijd aanvallende intenties, maar moet in eerste instantie zijn verdedigende taken niet vergeten. En dan heb ik het over de vleugelbacks Tagliafico en Mazraoui. Misschien speelt Ten Hag wel met twee verdedigende middenvelders en met de punt vooruit. Misschien, al denk ik het uiteindelijk niet, met vijf verdedigers waarbij de twee vleugelbacks juist wat meer kunnen opkomen. Zo heb ik ooit ook een paar keer gespeeld. Tegen Auxerre ging het niet goed, tegen Osasuna wel. Weet je, als in alle gevallen Frenkie de Jong maar meespeelt. Wat mij betreft dus op het middenveld.

Samen met Nouri behoort hij tot de meest exceptionele spelers die Ajax lange tijd heeft voortgebracht. Het is niet zo dat ik Frenkie ontdekt hebt. Ik heb alleen het geluk gehad dat ik deze speler heb kunnen opmerken en heb kunnen aanbevelen bij de beleidbepalers van Ajax. Uiteindelijk was hij daar ook op eigen kracht ook wel gekomen. Ik gun goede spelers een goede opleiding bij een club zoals Ajax. Koester deze spelers.

* SONNY SILOOY (1963) is een ExProf. Als speler behaalde hij zijn grootste successen bij Ajax. Hij won onder meer zeven landstitels, vier nationale bekers, de Champions League, de Europacup II, de UEFA Cup, de UEFA Super Cup en de Wereldbeker. In 2000 nam Silooy afscheid van het betaalde voetbal.