Door: Wouter Pennings

Hij is objectief bezien een van de meest succesvolle Nederlandse voetballers van de jaren 1995-2007. Nadat Michael John Reiziger (Amstelveen, 3 mei 1973) de successen aaneen reeg met Ajax volgden mooie jaren op topniveau bij FC Barcelona en het Nederlands elftal. Op het CV blijft echter die ene mislukking. Een uiterst rampzalig seizoen bij AC Milan, dat nota bene kort ervoor nog in haar meest glorieuze periode ooit verkeerde. Een reconstructie van een verloren jaar voor de nieuwe trainer/coach van Jong Ajax, die vandaag (18 augustus) aan de competitie begint.

Michael Reiziger

In Milaan is er niets meer dat nog herinnert aan Michael Reiziger. Niet verwonderlijk, gezien de geringe inbreng van de Amstelvener in de historie van de oudste club van de stad, Associazione Calcio Milan, kortweg Milan. Tot voor kort de club met de – volgens eigen tellingen – meeste gewonnen internationale prijzen. De club waar inmiddels vijftien Nederlandse spelers – en in 2014 ook een Nederlandse trainer – hebben gediend. Waaronder dus die ene Amstelvener, Michael Reiziger, van 3 mei 1973.

Reizigers oud-ploeggenoot Clarence Seedorf kreeg in januari 2014 de ondankbare opdracht om de herinneringen aan het seizoen 1996/’97 niet opnieuw tot leven te wekken. Maar ook onder de nieuwe trainer/coach draaide de Italiaanse grootmacht nogal stroef en zelfs de voor het eerst in maanden weer veroverde plek in het ‘linker rijtje’ bleek niet genoeg. De ultieme nachtmerrie werd werkelijkheid: Milan greep naast Europees voetbal. Het was de eerste keer sinds de jaren 1997 en 1998 en ook toen gebeurde het met een peperdure selectie.

Reiziger maakte alleen de eerste jaargang van dat droevige tweeluik mee. De eerste keer dat het keurkorps van eigenaar/voorzitter Silvio Berlusconi in de competitie zo’n modderfiguur sloeg. En dat met grote namen als Franco Baresi, Paolo Maldini, Alessandro Costacurta, Demetrio Albertini, Dejan Savicevic, Zvonimir Boban, Roberto Baggio en George Weah in de gelederen. Voor de door Louis van Gaal tot moderne vleugelverdediger omgeturnde Reiziger was er slechts een bijrol.

Reiziger arriveerde in de zomer van 1996, samen met zijn Ajax-maatje Edgar Davids. Milan zou vooral zijn gevallen voor laatstgenoemde en Patrick Kluivert, die nog een jaar langer onder contract stond in Amsterdam. Op aandringen van diens zaakwaarnemer Sigi Lens werd naast Davids ook Reiziger transfervrij ingelijfd. Een zomer later volgden volgens afspraak ook Kluivert en Winston Bogarde. Vier jongelingen uit de schoot van het Ajax van Louis van Gaal. Nota bene via drie overwinningen op Milan winnaar van de Champions League in 1995. Een seizoen later had Ajax volgens velen nóg meer indruk gemaakt, maar strandde het op strafschoppen in de finale tegen Juventus.

Alle vier zouden ze weinig succes boeken in de modestad. Het zegt genoeg dat Davids met anderhalf seizoen de langst dienende werd. Kluivert en Bogarde kwamen Reiziger pas een seizoen later weer tegen bij Barcelona, hun gezamenlijke volgende werkgever. Niet toevallig opnieuw onder de hoede van Van Gaal.

Reiziger kreeg in Italië het klassieke etiket van een bidone, een weggooier. Het zegt misschien genoeg dat trainer Arrigo Sacchi, destijds teruggekeerd bij Milan om de schade te beperken, zich zijn voormalige pupil niet meer kan herinneren. Na enig aandringen gaat er ergens in de verte een lichtje branden, maar verder dan een obligaat antwoord komt de oude voetbalvernieuwer niet. ’Oh ja, die rechtsback! Goeie jongen, goeie speler, goeie prof.’ Achttien officiële wedstrijden in totaal, verdeeld over competitie, beker en Champions League, kwam de verdediger voor de op dat moment regerend landskampioen in actie. Op zichzelf al geen florissante cijfers, die helemaal pijnlijk worden in combinatie met de daarbij behorende resultaten: twee overwinningen, vijf gelijke spelen en liefst elf nederlagen. Het was de magere oogst van een speler die het seizoen ervoor nog als onbetwiste basisspeler de wereldcup torste in Tokio.

Onlangs, toen de positie van vice-voorzitter Adriano Galliani, tevens de jarenlange rechterhand van Berlusconi, in het geding was, maakte de gezaghebbende Gazzetta dello Sport een overzicht van diens grootste successen en mislukkingen op de transfermarkt. Waar Milan tussen 1986 en 2013 talloze spelers voor grof geld ophaalde, waarvan lang niet allemaal succesverhalen, prijkten er uitgerekend twee gratis voetballers onder het kopje ‘flops’. Michael Reiziger en Winston Bogarde.

In de Italiaanse archieven duiken er wel wat verklaringen op voor dat harde, maar unanieme oordeel. Vaak komt het uiterlijk van Reiziger daarbij nadrukkelijk aan bod. Zoals bijvoorbeeld het weblog Milan-DNA zich de Nederlander herinnert, op een poëtische manier:

‘Met zijn overdreven grote lippen, die zich als hij glimlachte leken te verwringen in een grimas tussen fysieke pijn en een gezichtsverlamming (…) alsof hij een inwendig onderzoek onderging bij een temperatuur in de buurt van de nul graden. (…) Dan contrasteerden zijn grote roze lippen met zijn perfecte witte tanden, wat hem tragisch genoeg de aanblik van het paard Fury uit de gelijknamige televisieserie gaf. (…) Met zijn asymmetrische en scheve oren en ogen leek het alsof hij net door een wonder was weggekomen uit een gevecht in de gevaarlijkste bar van Caracas. En zijn neus leek op een gigantische aardappel.’

Het zal maar over je gezegd worden, terwijl je bent gekomen in een periode dat voorzitter Berlusconi nog opperde om ‘alleen maar knappe spelers’ aan te trekken. ‘Niet alleen sierlijk en atletisch als voetballers, maar ook gezegend met een zekere pgysique du rôle.’ Reiziger was het helaas zeker in zijn Milan-periode geen van beiden.

Reiziger (links) en Edgar Davids tekenen in de zomer van 1996 voor AC Milan. Ze worden geflankeerd door algemeen directeur Adriano Galliani.

Nadat Reiziger zich in de zomer van 1997 had verlost van het Milanese juk en daarmee ook eindelijk had weten te ontsnappen aan de immense hectiek van het Italiaanse voetbal, kreeg zijn buitenlandse avontuur een vervolg bij FC Barcelona. De Catalaanse topclub was in handen gekomen van Van Gaal en in diens kielzog maakte een heuse Nederlandse enclave de oversteek naar de Iberische oostkust. Voor omgerekend drie miljoen euro verruilde Reiziger de Serie A voor de Primera Division en daarmee ook een dolend voetbalbestaan voor hernieuwd sportief geluk.

Daar, aan de boorden van de Middellandse Zee, kwam Reiziger tussen 1997 en 2004 tot 253 wedstrijden. Op de ranglijst van optredens in de competitie is hij de zevende buitenlander in dienst van Barça. Van de talrijke Nederlanders staan alleen Phillip Cocu, Ronald Koeman en Patrick Kluivert boven hem. Aanvankelijk vulde Reiziger ook zijn prijzenkast in rap tempo aan in Spanje. In het eerste seizoen werd naast de Europese Supercup ook de dubbel veroverd en de landstitel werd het seizoen erop geprolongeerd. Daarna raakten de blaugranas wat in verval. Veel grote namen, weinig successen.

De tweede periode van Van Gaal werd een mislukking en als gevolg daarvan ging de bezem door het grote Oranjegehalte van de spelersgroep. Terwijl Barcelona onder de nieuwe trainer Frank Rijkaard nieuw zilverwerk binnenhaalde, voegde Reiziger bij het PSV van Guus Hiddink nog twee kampioensschalen toe aan zijn totaal. Hij had toen al een moeizame anderhalf jaar bij het Engelse Middlesbrough achter de rug, waar de latere Twente-trainer Steve McClaren hem voornamelijk in de lappenmand zag zitten. Nadat in Eindhoven werd besloten het contract van bankzitter Reiziger niet meer te verlengen, beëindigde hij in 2007 bij gebrek aan concrete interesse zijn carrière. Tegenwoordig timmert de oud-international (72 caps, 1 doelpunt), die actief was op de EK’s van 1996, 2000 en 2004 en op het WK van 1998, aan de weg als trainer. Na vier jaar Sparta is hij sinds deze zomer verantwoordelijk voor Jong Ajax.