Buskermolen is al weer een tijdje terug bij zijn oude cluppie.

Door Maarten Bax

Of hij nog bij AZ komt? “Weinig,” is zijn antwoord. “In het begin heb ik bewust afstand genomen na 25 jaar heen en weer naar Alkmaar te hebben gereden. Ik wilde eerst even alles verwerken. De behoefte was er niet.” Aan het woord: Mister AZ, Michael Buskermolen, de middenvelder, die maar liefst 472 keer voor AZ uitkwam. De meeste wedstrijden in de historie van de zo ambitieuze club.

Nu, twaalf jaar na zijn afscheid in Alkmaar, beweegt de inmiddels 46-jarige Buskermolen zich vooral in Kudelstaart. Daar zit RKDES, de club waar het allemaal begon. Hij voetbalt er in de 7 tegen 7 competitie, heeft zijn trainersdiploma’s TC3, TC2 en TC1 gehaald. 9 jaar was hij jeugdtrainer bij AZ, nu al weer heel wat jaartjes bij zijn jeugdliefde. Opvallend is dat Buskermolen sinds dit voorjaar bootcamps organiseert. “Waarom? Omdat ik het zelf leuk vind om te doen. Wat ik na mijn carrière het meeste miste, was het bezig zijn met mijn lichaam. Het fysieke gedeelte, lekker moe en voldaan zijn na een training. Ik miste het meer dan de wedstrijden zelf.” En zo runt hij zijn bedrijfje Michael Buskermolen Sportcoach, waar je drie dagen per week met hem mee kan trainen.  

Buskermolen geeft het voorbeeld tijdens zijn bootcamptraining.

Conditioneel gezien behoorde Buskermolen bij AZ altijd tot de allersterksten. Gerichte krachttraining kreeg hij die tijd echter nooit. “Jammer,” aldus de middenvelder. “Dan was ik in duels veel krachtiger geweest. We hebben in Alkmaar nooit een krachthonk gehad. Maar dit bootcamp is echt iets voor mij. De combinatie van uithoudingsvermogen, kracht en doorzettingsvermogen ligt mij wel. Of het mijn sterkste punt bij AZ was? Ach, het was een combinatie van factoren. Ik was ook wel technisch en had voldoende inzicht,” klinkt het bescheiden uit de mond van de man die als jongetje zo’n beetje als enige – op mentaliteit – uit zijn lichting van de jeugdafdeling overbleef. “Winston Daniëls, Mark Snijders en John Beelen hebben ook het eerste gehaald.” Allen speelde er echter een blauwe maandag, Buskermolen, zoals gezegd, meer dan 400 keer.

Terug naar het verleden. “Philip Cocu zat voor mij in de opleiding. Die is iets ouder. Ik was eigenlijk zijn opvolger in het eerste, ben ook een linkspoot. Daarna is het heel lang stil geweest met doorstroming vanuit de jeugdopleiding. Ron Vlaar was pas veel later aan de beurt. Ja, dat is heel wat anders dan tegenwoordig. De één na de ander vliegt door. Het is een verschil van opleiden. Toen had je alleen een voetbalschool voor B-junioren en vervolgens de A-junioren, het tweede en eerste. Ik kwam rechtstreeks uit de B-junioren van RKDES, had dus een achterstand. We hadden in Kudelstaart ook maar één team per lichting. Tja, dan krijg je dat.”

Typerende actie van Buskermolen waarbij hij zich vol inzet voor AZ.

Buskermolen herinnert zich de sfeer in (het oude stadion) De Hout. “Geweldig. We hebben (in 2005, red.) nog de halve finales van de UEFA Cup gehaald. In blessuretijd, vanuit een cornerbal, verloren we van Sporting Lissabon.” Minder zijn zijn herinneringen aan Louis van Gaal, die hoogstpersoonlijk Buskermolens liefde voor het voetbal ontnam. “Ik had een aflopend contract en Van Gaal zag het niet in mij zitten. Als middenvelder kreeg ik op de training een kans als linker vleugelverdediger, alleen ben ik echt altijd een type middenvelder geweest. Iedere week met het tweede meedoen, is best moeilijk. En als je dan op de wedstrijddag van het eerste in je eentje moet gaan trainen… Martin Haar (die hem trainde, red.) begreep het volkomen dat dat niet echt motiverend werkt. Maar voor de rest heb ik een hele mooie tijd gehad, hoor. Het waren topjaren onder Co Adriaanse en Wim van Hanegem.”