Door Tieme Woldman

Harris Huizingh

Terwijl teamgenootjes van de 12-jarige Harris Huizingh bij STA uit Ter Apel onderweg naar een uitwedstrijd bedenken of ze na de wedstrijd een Mars of een Snickers zullen kopen, zit Huizingh lijkbleek op de achterbank van de leider. Even later stopt de leider in de berm en gooit Huizingh zijn hele ontbijt eruit. “Dit gaat zo niet langer met die wagenziekte van je, jongen.” In overleg gaat Huizingh van voetbal af.

Maar wat dan? Moeder Huizingh vindt het niet zo erg. Huizingh is volgens kenners een talentje dat het ver kan schoppen en de zin ‘als ie maar geen voetballer wordt, straks schoppen ze hem halfdood’ uit Boudewijn de Groots hit Jimmy heeft zich in haar hoofd genesteld. Harris Huizingh en zijn vader zint het daarentegen helemaal niet. Huizinghs voorvaders hebben Ter Apel en de rest van de Kanaalstreek, de voormalige veenkoloniën in Drenthe en Groningen, uit het veen opgebouwd en dan spuug je niet alleen in je handen, maar ook op woorden als ‘opgeven’.

Maar vader en zoon Huizingh zien ook wel dat voetballen met die wagenziekte niet kan. Een buurvrouw oppert dat Huizingh op gymnastiek kan, want dan hoeft hij niet in auto’s. Vader Huizingh slaat de keukentafel bijna doormidden als de buurvrouw weer weg is en de zin ‘als ie maar geen turner wordt, straks noemen ze hem homo’ nestelt zich in zijn hoofd. Er zit niks anders op dan wachten. Misschien groeit Huizingh er overheen. Vier jaar later proberen ze het opnieuw. En verrek, Huizingh houdt zijn ontbijt binnen en denkt ook aan wat hij na de wedstrijd zal kopen. Amper drie jaar later pikt FC Groningen hem bij STA op.

De helft van de kracht van de voetballer Harris Huizingh ligt in zijn fysiek, die veel weg heeft van de Duitse voetballer Horst Hrubesch die furore bij HSV en het Duitse elftal maakt. Hrubesch is een lange en sterke spits van het type bonkige stormram met slierterig nat haar van het werkzweet. De running gag is dat hij de voortanden van verdedigers als trofee aan een kettinkje onder zijn shirt draagt. Niet direct het type waarvan foto’s op meisjeskamers hangen en omdat Huizingh op Hrubesch lijkt wordt hij begrijpelijkerwijs door tegenstanders als een Hrubesch ingeschat: een spits die alleen kan koppen en die niet eens aan een schaar of sleepbeweging begint, laat staan aan een omhaal of een halfvolley.

Huizingh in het shirt van Heerenveen, waarvoor hij twee seizoenen uitkwam.

Maar Huizingh kan meer dan goed koppen en na drie passeeracties en de eerste goal van Huizingh binnen het halfuur weten tegenstanders beter. Huizingh blijkt a devil in disguise, een technicus in een houthakkerslichaam, en dat maakt verdedigers nerveus, temeer daar Huizingh zijn lichaam wel degelijk gebruikt als zijn techniek alleen even niet afdoende is. Dan zie je de onverzettelijkheid van zijn voorvaders naar boven komen en maakt hij oorlog in de zestien. Uiteindelijk komt hij tot 83 goals in 419 wedstrijden en dat is bij ploegen als Groningen, Veendam en Heerenveen die grotendeels op eigen helft spelen een mooi gemiddelde. Bij Groningen vormt Huizingh aanvalsduo’s met Henny Meijer en Mariano Bombarda, beiden spitsen die op het randje van te dik balanceren. De bijnaam ‘de dikke en de dunne’ ligt voor de hand, ware het niet dat verdedigers te druk zijn met Meijer of Bombarda die hun dikke konten indraaien, of Huizingh die dat met zijn sterke lichaam doet – acties die onherroepelijk tot doelpunten leiden.

In 2000 stopt Huizingh met voetbal en probeert hij zijn geluk als trainer in het amateurvoetbal, naast een administratieve baan bij de politie in Drenthe. Na trainer van Kanaalstreekploegen Mussel, SJS en Valthermond te zijn geweest, beëindigt Huizingh zijn trainerscarrière omdat hij te druk is met werk. Dat is begrijpelijk en ongetwijfeld verstandig, maar het voetbal verliest weer een markante persoon. Tijdens de warming-ups van Mussel, SJS of Valthermond klonk soms Elvis Presley met Devil in Disguise uit de speakers langs het veld en dan stond Harris Huizingh even grijnzend te staren: in gedachten passeerde hij dan weer een verbouwereerde verdediger die hem verkeerd inschatte.