Maurice Graef

Column Maurice Graef

Ik was bij VVV vanaf mijn 19e tot 22e jaar vooral belangrijk voor de sfeer in het team. Voetballend kwam ik niet uit de verf, als spits scoorde ik maar vier doelpunten in die periode. En dan oogst je kritiek, zeker als je absoluut geen atleet bent. Mijn kont naar achter en de dribbelpasjes, het zag er niet uit. Het eigen publiek maakte mij uit voor biggetje. Commentator Hugo Walker van Studio Sport zei op zijn bekende toon: ‘Maurice Graef, ik begrijp niet wat die jongen in het betaald voetbal te zoeken heeft.’ In dagblad De Limburger werd ik vergeleken met een trabantje dat al twee keer de klok was rond geweest.

In deze periode mocht ik tegen Feyenoord thuis in de basis starten. Het biggetje tegen de boze wolf. Een oneerlijke strijd. John de Wolf bespeelde het publiek en wees op zijn achterste, hij had Graef in zijn achterzak. Na weer een verloren duel trok ik John uit pure frustratie aan zijn lange haren. John waarschuwde mij dat hij mijn neusje zou breken. Ik antwoordde: Geeft niks, dan kan ik mijn vrienden zeggen dat ik dat aan jou te danken heb.

Dankzij de degradatie en de komst van Tijjani Babangida bij VVV kreeg ik zelfvertrouwen en na drie jaar in mijn eigen voetbalhel werd ik topscorer in de Eerste divisie met 29 doelpunten. Vóór Pierre van Hooijdonk van NAC. We werden kampioen en mochten het weer proberen in de Eredivisie. Weer tegen Feyenoord in ons eigen stadion De Koel, weer tegen John de Wolf. In de media was De Wolf voorafgaande die wedstrijd heel positief over mij. Mijn teller stond op zeven doelpunten. Als een sluw spitsie omschreef hij mij.

Verhaal gaat door onder de foto.

In het veld was hij minder lief. Hij maakte altijd optimaal gebruik van zijn uitstraling als bad boy. Daarbij wist hij precies wat hij wel en niet kon. Hij was een boegbeeld, een voorbeeld. Hij wist precies hoever hij over de grens van het toelaatbare kon gaan. In het eerste duel kreeg ik direct een ellenboog maar deze keer liet ik me niet intimideren. Ik scoorde mijn 8e van in totaal 14 doelpunten dat seizoen en de wedstrijd eindigde 1-1.

Toen ik na omzwervingen bij Roda JC en NEC terug kwam in Venlo was John de Wolf aanvoerder bij VVV-Venlo. En daar maakte ik kennis met de collega De Wolf. Iemand die alles doet om te winnen. Een rots in de branding, een leider. Maar bovenal een teamplayer. John stond altijd klaar om je te helpen. En John had schijt aan autoriteit. Hij zorgde vaak voor een warm welkom voor het arbitraal trio door in hun kleedlokaal van het toilet gebruik te maken zonder door te trekken. Met De Wolf in je elftal speel je met meer bravoure, lef, en het geloof en de wil om te winnen. Uiteraard krijgt Advocaat bij Feyenoord alle lof toegezwaaid maar onderschat de rol van De Wolf niet. Hij mag zijn wilde haren dan kwijt zijn maar het blijft een absolute winnaar!

PS Ik stuur je mijn rekeningnummer John!

* EXPROF-columnist Maurice Graef is ex-profvoetballer van VVV, Roda JC en N.E.C.
maurice@wijzijnkerngezond.nl