Door: Tieme Woldman

Erik Regtop, eind jaren tachtig…

In de jaren tachtig van de vorige eeuw gonst het van opwinding over de Drentse voetbalvelden. Een tiener speelt in het eerste elftal van vierdeklasser SC Oranje uit Schoonebeek en is door de wol geverfde tegenstanders in alle opzichten de baas. Techniek, inzicht, snelheid, ‘Torinstinct’; kortom alles waar jongetjes van over de hele wereld van dromen, heeft de dan pas zestienjarige Erik Regtop van SC Oranje allemaal in zich verenigd.

Drenthe is niet rijk bedeeld met grote voetballers. Met moeite komt de provincie tot drie internationals. Statistisch en logischerwijs moet het talent er wel zijn, maar waarschijnlijk zit het in de volksaard. Drenten pushen zich van nature niet naar de voorgrond, maar als je het talent van Regtop hebt, moet je wel. Je bent het verplicht aan moeder natuur en aan al die jongetjes die er alleen maar van kunnen dromen.

Penningmeesters van tegenstanders van SC Oranje zijn in hun nopjes, want iedereen wil Regtop zien voetballen. Als fan om je ogen uit te kijken als hij aan de bal is, maar ook om later als Regtop bij Barcelona en in het Nederlands elftal speelt te kunnen zeggen dat jij hem als Maradona door complete verdedigingen hebben zien soleren. En dat Regtop fenomenale kopgoals maakte waar hij ‘De Hand van God’ niet bij nodig had. Dat Regtop bij Barcelona en in Oranje zal gaan spelen, is volgens de kenners een zekerheid. Drenthe heeft geen wedcultuur, maar anders wedt men met 20/19 bij de bookmakers dat Regtop bij Barcelona in het rijtje Cruijff, Neeskens en Koeman bijgeschreven wordt.

Na de bekerfinale van Ajax tegen Heerenveen in 1993 mag Regtop van teamgenoot Marc Overmars even de beker vasthouden. Ajax won: 6-2.

Ajax is dan ook alleen maar een tussenstop voor Regtop op weg naar de wereldtop. Op zijn 17e is hij al een officieel voetbalplaatje in Ajax-shirt dat jongetjes op straat in Schoonebeek tegen Van Basten en Van ’t Schip ruilen. Op Regtops plaatje vallen de rossige krullen en de ogen waar optimisme en levenslust in glinsteren op. Ergens in zijn blikveld liggen roem en succes te wachten en wie kan hem daar beter heen leiden dan Johan Cruijff die op dat moment trainer van Ajax is? Cruijff ziet het in de voetballer Regtop zitten, maar hij vindt Rechtop een rare naam voor een Ajacied en kan zich niet voorstellen dat een afgeladen Olympisch Stadion bij een Europacupwedstrijd ‘Regtop! Regtop!’ scandeert. Door dit staaltje onvervalste Cruijff-logica raakt Regtop bij Ajax op de reservebank en een zijspoor.

Die ‘rooie’ is inmiddels grijs…

Regtop wordt aan Telstar verhuurd en Barcelona en Oranje zijn verder weg dan ooit. Als FC Groningen hem het seizoen daarna inlijft, gloort er toch weer hoop bij de kenners: zal Regtop via een omweg alsnog de top bereiken? Voordat die vraag beantwoord kan worden, breekt Regtop een been. Na een lange revalidatie lukt het hem om weer terug te komen en verkast hij naar Heerenveen. De top is definitief uit zicht. Regtop voetbalt zijn carrière uit bij Bradford City, Sankt Gallen, Nice en een rijtje Oostenrijkse en Zwitserse clubs in lage divisies. Vandaag de dag heeft hij nog altijd de levenslustige ogen en is hij er de man niet naar om met spijt achterom te kijken.

De kenners langs de Drentse voetbalvelden denken nog wel eens met weemoed aan Regtop terug. Volgens hen had hij, voordat hij naar Ajax ging, een voetbalnaam moeten nemen, zoals Braziliaanse voetballers als Pelé en Neymar deden. Dan had Cruijff niet om Regtop heen gekund en had hij zeker Barcelona en Oranje gehaald. Zonde voor Drenthe, vinden de kenners.