Douglas in het shirt van Heracles

Heel vaak is hij niet meer in Nederland. Darl Douglas woont eigenlijk in Suriname,  waar zijn drie kinderen ook zijn. “Twee keer per jaar kom ik over. Dan ga ik op bezoek bij mijn familie, voetbal ik mee met de Golden Boys en maak ik afspraken met vrienden, zoals Sander Keller en Robin Nelisse.”

Douglas staat een beetje op het kruispunt in zijn leven. Blijft hij in Suriname wonen of keert hij terug naar Nederland? Hij is er nog niet uit. “Ik weet niet waar mijn toekomst ligt. Zo denk ik er over om in Suriname jonge spelers te gaan begeleiden. Er zit daar heel veel talent. Als je ziet wat jongens daar doen, in de leeftijdscategorie tussen de veertien en zeventien jaar, dat is gewoon niet normaal. Alleen krijgen ze niet de juiste trainingen. De intensiteit is niet hoog genoeg. Op hun achttiende hebben ze vaak zo’n grote achterstand, dat die niet meer in te halen is. Vanwege hun leeftijd kan je ze ook niet een-twee-drie naar Nederland halen, dus ik weet het nog niet helemaal. Ik overleg veel met Robin Nelisse (een ExProf met wie Douglas bij FC Utrecht speelde, red.). Dat is niet alleen een vriend, maar ook iemand waarmee ik dit project zou willen oppakken.”

Behalve voor FC Utrecht kwam Douglas ook uit voor RBC, Haarlem, Willem II en Heracles. “Uiteindelijk kijk ik heel tevreden op mijn loopbaan terug. Ik heb me altijd honderd procent gegeven. Misschien had ik verder kunnen komen em nog hoger kunnen spelen, maar dat heeft nooit aan mezelf gelegen. Zo hadden zowel Jan Wouters als Morten Olsen (de voormalig trainers, red.) geen oog voor de jeugd van Ajax, waar ik toen in speelde.” Hij verheft zijn stem en zegt: “Met de A1 wonnen we in het seizoen 1997/1998 al onze wedstrijden met dikke cijfers. We werden de gouden lichting genoemd, maar Olsen haalde veertien buitenlanders naar Nederland. En dat Wouters tweede assistent bij Feyenoord werd, was ook niet voor niets. Hij was verbaal slecht, had geen pedagogische kwaliteiten. Ik stond die jaren stil in mijn ontwikkeling waardoor je je zelfvertrouwen verliest. Zonde.”

Douglas in actie voor de Golden Boys. Foto: Jacques Klattenburg.

“Fantastisch”, zegt Douglas als je hem vraagt hoe hij zijn tijd in Portugal vond. Goed, hij speelde er voor Maritimo Funchal maar dertien wedstrijden, maar toch… Douglas: “Ik had een contract van anderhalf jaar. In de zomer kwam er opeens een andere trainer, een Braziliaan. Die nam allemaal nieuwe spelers mee. Arvid Smit (een Nederlander die ook daar onder contract stond, red.), bijvoorbeeld, werd zo maar aan de kant geschoven. Toen Willem II in de zomer met een mooie aanbieding kwam, heb ik eieren voor mijn geld gekozen. Maar de beleving van het voetbal was daar fantastisch, hoor. Superrelaxed. En het respect van de fans voor voor de spelers was ongelooflijk. Heel anders dan hier, in Nederland. Bij ADO in Den Haag maken de toeschouwers standaard oerwoudgeluiden, en in sommige andere stadions was dat al net zo.”

Voetbal International schreef ooit dat Douglas na zijn carrière in de voetsporen van Bob Marley zou treden. “Een beetje overdreven.” De 37-jarige Surinamer produceert reggaemuziek, dat klopt. Maar Marley… Douglas: “Ik maak muziek en de artiesten zetten de tekst erop. Dat nummer wordt dan op het net gezet, en liefhebbers kunnen de muziek via iTunes of Spotify in huis halen. Ons label heet Dredda Records, al gaan we dat nu veranderen in Inam Records. Muziek is al mijn hele leven mijn passie. Zo heb ik een studiootje bij mijn huis. Waar mijn medespelers van toen in  hun vrije tijd op hun Playstations bezig waren, zat ik in mijn studio. En eigenlijk is muziek nog steeds niet meer dan een hobby. Een vetpot is het niet. Alles wat er binnenkomt investeer ik gelijk weer in nieuwe apparatuur of in het begeleiden van talenten.”