Column: Sonny Silooy

Het had zo mooi kunnen zijn, maar de dag van de Europa League-finale verliep voor een aantal mensen nogal chaotisch – en ik was er een van. Het begon al op Schiphol, waar ik anderhalf uur bij de incheckbalie stond te wachten, wat ik met mijn slechte knie eigenlijk helemaal niet mag. Vertraging, vertraging, vertraging  – en dan ook nog die wedstrijd…

Nee, met veel plezier kijk ik niet op Ajax – Manchester United terug. En ik ben vast niet de enige: de duizend mensen die uiteindelijk niet naar Zweden konden omdat er drie vluchten niet doorgingen, waren vast ook niet blij. Zelf maakte ik deel uit van gezelschap van twee- of driehonderd zakenrelaties, samen met onder meer Arnold Mühren en Dennis Rommedahl. We stonden al om half negen ’s ochtends op Schiphol, waar een heel dagprogramma voor georganiseerd zou zijn, compleet met een interview door Xander de Buisonjé. Er kwam allemaal niets van terecht, helaas, en we liepen met zi;n alle contact achter de feiten aan. Wie daar schuldig aan was? Niet Ajax, geloof ik. Ik denk eerder aan TUI en Kras. Dat er in het vliegtuig niets te eten of te drinken was, kon er nog wel bij…   Eenmaal in Zweden hebben we er maar het beste van gemaakt en uiteindelijk toch nog veel gelachen.

Daley Blind heft de beker nadat hij met Manchester United zijn oude club met 2-0 heeft verslagen.

Over de wedstrijd had ik me vantevoren al afgevraagd wie er het best met de spanning om zou gaan. Ajax was dat in elk geval niet. Ze durfden niet te voetballen en dan zie je maar weer dan angst een slechte raadgever is. Mühren en ik zeiden het al tegen elkaar: ‘Het is niet zo makkelijk om zo’n cuppie te winnen.’ En zeker niet met tegen zo’n club van wereldformaat. Want Manchester is de vierde, misschien wel de derde club ter wereld, met een trainer die tegelijk geniaal en gek is.

In 1987 speelden we met Ajax met elf Nederlanders de finale tegen Lokomotive Leipzig, in een mooie mix van  jong en oud. Ronald Spelbos was 33, Arnold Mühren  35… Bergkamp zat zelfs op de bank. Toen we vijf jaar later weer in de finale stonden, tegen Torino, waren we allemaal nog wat ouder en hadden we nog meer ervaring. Voor het Ajax van 24 mei was het  de eerste finale, en dat is toch wel heel anders spelen dan in een competitiewedstrijd. Jammer dat het zo liep. Ajax had de wereld kunnen laten zien hoe mooi voetbal is, maar heeft terecht verloren.