Hij zat in de jeugd bij AZ en Ajax, werd ooit zelfs door Johan Cruijff gescout… Later speelde hij nog voetbal in de Eredivisie voor HFC Haarlem. Maar zijn passie ligt inmiddels al heel wat jaartjes bij het zaalvoetbal. Calvin Blankendal is zijn naam.

Door Maarten Bax

Hij heeft het nog niet opgegeven. Integendeel zelfs. Na een matige reeks is A.S.V. Lebo de aansluiting met de top 4 weliswaar verloren, er zijn ook nog zes competitieronden te gaan, zo weet Blankendal (44). Wie zijn oor bij de trainer/coach van de Amsterdammers te luister legt, hoort sowieso altijd een zeer bevlogen man praten. Iemand, die zo bij een BVO, een Betaald Voetbal Organisatie, aan de slag zou kunnen.

Jullie staan opeens op drie punten van de top 4 na verlies tegen Volendam en een gelijkspel tegen WSV. Hoe kan dat?

“Dit was inderdaad niet ingecalculeerd. Tegelijkertijd hoop ik niet dat de paniek toeslaat want anders zijn we heel ver weg van huis. Waarom zeg ik dat? Omdat als ik naar het verleden terugkijk – en dit is nu mijn vierde seizoen als coach bij Lebo – ik overeenkomsten zie. Tijdens al die seizoenen zijn er periodes geweest waar we even doorheen moesten. Nu hoop ik dat we snel genoeg het tij kunnen keren.”

Waar ligt de oorzaak van deze tegenslagen? Bij de telkens verplicht in te brengen onervaren jeugd?

“Ik denk dat bij een trainer niet zozeer goede oefenstof het belangrijkste is, maar meer van ‘raak je de juiste snaar’, ‘krijg je ze weer gefocust’, hoe kan je ze ondersteunen als ze andere dingen aan hun hoofd hebben… Dat is een heel lastig proces, waar ik me steeds meer in probeer te verbeteren. Zo heb ik recent een sportpsycholoog, Vincent Siderius, gevraagd naar een onderzoek omdat ik mij telkens wil ontwikkelen. Mijn spelers en ikzelf zijn daarvoor ondervraagd. De resultaten bevestigden dat ik goed bezig ben. Ik scoorde gewoon goed. Als ik me ook maar één procent kan verbeteren, probeer ik dat. Zo ben ik als coach de voorbije jaren van autoritair naar facilitair gegaan. De spelers moeten uiteindelijk zelf intrinsiek gemotiveerd zijn.”

Is het niet moeilijk werken met amateurs, een groep jongens die ‘gewoon’ een baan hebben?

“Dat is het ook. Maar ik heb het leven ook zo beleefd, dus ik weet wat je kan verwachten. De knelpunten hun werkzaamheden… Wat kan je zeggen als iemand moet afzeggen omdat hij moet werken? Het is zijn brood.”

Is dat gelijk de reden van de achterstand op de landen, die mondiaal beter presteren?

“Ja, dat denk ik wel. Zo speelden wij in 2005 op een EK in Tjechië. We waren vijfde geworden en stonden te juichen in een discotheek waar alle uitgeschakelde landen bij elkaar kwamen. Door dit resultaat kregen wij een NOC*NSF-status waardoor je een beetje geld of zelfs een auto kon leasen. De Portugezen lachten ons uit. Wat wij kregen was voor hun standaard. Inmiddels is het voor ons nog minder geworden. Je ziet het bij de vrouwen; het is bijna het kip of het ei. Wil je er eerst geld inpompen zodat er resultaten komen of wacht je eerst op de resultaten voordat je er geld inpompt? Het is lastig om zo te moeten werken.”

Wat zou er moeten veranderen?

“Moeilijk, al zie ik de andere landen echt sprongen maken. Zo speelde Marokko laatst gelijk tegen Portugal zonder spelers van Nederlandse komaf. Dan denk ik: ‘Waarom komt dat vandaan?’’

Zou het Bankrasmodel – waarbij een selectie zich afzondert, veel vaker gaat trainen en daarvoor ook betaald wordt – een idee zijn voor het zaalvoetbal?

“Dat zou kunnen. Het heeft uitgewezen dat het werkt (de volleyballers wonnen zo Olympisch goud in 1996, MB). Door mijn werkzaamheden heb ik altijd met de helft minder een helft meer moeten presteren. Ik denk dat ik daar ook oog voor heb. Je hebt daar heel veel creativiteit voor nodig.”

Zie jij dat KNVB zo’n model gaat invoeren?

“Ik heb geen signalen gehad dat dit gaat gebeuren. Ondanks dat wij met de zaalvoetbalclubs de Eredivisie CV hebben opgericht, blijft het een beetje vrijblijvend. Bij Lebo investeren we wel om bepaalde stappen te zetten en zie je ook de resultaten daarvan. Maar als er geen tv-gelden zijn, wat kan je dan eisen? Daarnaast heeft de KNVB een tijdje geleden geld beschikbaar gesteld om extra te trainen maar dat is alweer afgeschaft. Je moet een goede groep mensen vinden die goed kunnen samenwerken en de middelen hebben om ervoor te gaan.”

Artikel gaat onder de foto door.

Blankendal in betere tijden: direct na het behalen van de landstitel in 2016.

Terug naar je eigen team. Wat moet er gebeuren wil Lebo nog de play-offs halen? Of is de play-offs slechts een bonus?

“Nee, we gaan elk seizoen voor het hoogst haalbare. We hebben het nu onnodig spannend gemaakt door de resultaten van de laatste weken. Op dit moment heeft niet iedereen de juiste vorm te pakken. Ik zoek elke wedstrijd weer naar de juiste dingetjes zodat de balans weer omslaat. Maar dat is moeilijk te sturen. Belangrijkste is dat het vertrouwen er is; daarvoor moeten we nu een stapje extra doen. Als trainer probeer ik daar een voorbeeld in te zijn. Ik laat zien dat ik twee stapjes extra zet. Een voorbeeld? Nou, ik doe heel veel met beeldmateriaal. Dat monteer ik op donderdag een dag voor de wedstrijd. Nu is het op maandag al klaar zodat we maandag en woensdag meteen op een bepaalde manier kunnen trainen. Gelukkig heb ik het allemaal zelf ook meegemaakt. Ik ben zelf, als speler, ook kampioen geworden waarna we het seizoen daarop dramatisch presteerden. Soms is dat lastig omdat ik heel zelfverzekerd ben. Dan zie ik de paniek toeslaan bij mijn spelers. Dan moet ik die onzekerheid bij de spelers zien weg te nemen. Daarmee ben ik momenteel vooral bezig. Het is een horde die ik nu moet nemen. Zo praat ik momenteel veel individueel met mijn spelers.”

Gaan jullie de play-offs nog halen?

“Ik wil het. Ik gun mijzelf en het team weer het Europese avontuur. Daarvoor moet je kampioen worden. Ik heb het (een kleine twee jaar geleden, MB) mogen ervaren al vlogen we er toen helaas de eerste ronde uit. Het was mooi om mee te maken. Dat is een uitdaging. Ik houd van uitdagingen. Kijk maar eens op Youtube naar mijn filmpjes over trucjes, passeerbewegingen. Ik heb er vele ontwikkeld. Heel veel mensen zeiden dat bepaalde bewegingen niet konden en nu over de hele wereld doen mensen mijn trucjes en heb ik de jeugd kunnen inspireren. Toen wij in 2016 kampioen werden, had ik al bij het begin van de play-offs kampioenshirts laten drukken waarmee ik wil zeggen: ‘Als coach weet ik waar we staan.’ Nu ook. Het zit nu even echt tegen, maar als we hier goed uitkomen dan heb ik mijn team zo goed mogelijk voorbereid om de strijd om het kampioenschap aan te gaan. Ik heb vaak successen behaald ondanks dat mensen vooraf hun bedenkingen hadden. Ik hoop dat ik nu weer het tegendeel kan bewijzen.”

* De eerstvolgende thuiswedstrijd van A.S.V. Lebo is op 16 maart tegen TPP Rotterdam. Op 3 maart spelen de Amsterdammers (om 19.00 uur) uit tegen FC Eindhoven.